interview Nederlands Dagblad

Trots op een saai imago
Cees Grimbergen uit de gratie bij de NCRV

28 november 2009
door Dick Hofland

Cees Grimbergen (58) is journalist en was tot voor kort presentator van Rondom 10 . Na elf jaar vindt de NCRV hem te saai, te serieus en te gereformeerd. ,,Dat imago klopt, maar ik vind het positief.''

Op een groot prikbord hangen brieven, knipsels en printjes van mails. Ze staan vol scheldwoorden, opdrachten tot onthoofding en de wens tot drastisch ingrijpen door de Heer zelf. ,,Dit is mijn nederigheidswandje'', zegt Cees Grimbergen. ,,Af en toe ga ik er voor zitten en dan realiseer ik me: je bent niks.''

Als u dat allemaal leest, is het geen straf om niet meer op televisie te zijn.
,,Het doet me weinig. Blijkbaar wekt tv bij mensen af en toe een explosie van woede op, zijn sommige mensen zó diep geraakt, dat hun psyche er compleet van in de war raakt. Ik heb het me nooit persoonlijk aangetrokken. Ik heb meegemaakt dat ik van een recensent jarenlang fantastische kritieken kreeg en door zijn opvolger alleen maar ben neergesabeld. Wat moet je daar nou mee? De een vindt je extreem-links, de ander vindt je extreem-rechts. De één vindt je pro-moslim, de ander vindt je anti-moslim. Terwijl we met Rondom 10 juist voornamelijk onderwerpen hebben gehad die niet politiek beladen waren. Weinig bobo's, weinig deskundigen, weinig gezagsdragers. Wij wilden juist altijd weten wat er in de maatschappij leeft.''

Dan bent u populistisch.
,,Als je de gewone Nederlander veel aan het woord laat, krijg je dat verwijt al snel. Het programma is wel van de straat, maar verre van populistisch. In de elf jaar dat ik presentator was, heb ik nooit een programma gemaakt met alleen maar debat om het debat. Ik wil ook geen emo-tv. We hebben altijd de balans gevonden tussen het persoonlijke verhaal en het journalistieke verhaal, waarin de feiten centraal staan. Beide verhalen moeten elkaar ondersteunen.''

De NCRV wil blijkbaar toch iets anders, want u keert niet meer terug.
,,Ik word vervangen door een jonge vrouw. En bij andere programma's doen ze dat door hippe homo's.''

Zei hij sarcastisch.
,,Dit is geen leuk afscheid, maar ik zeg niets lelijks over anderen. Anderen in het openbaar op zwakheden wijzen is geen prettig trekje. Dat er na elf jaar geen bedankje van de NCRV-manager is gekomen, is jammer, meer niet. Ach, nou doe ik het toch. We zijn er trots op dat we met de redactie en iedereen er omheen, elf jaar een topprogramma heb gemaakt. Dat klinkt misschien snoeverig, maar dat vind ik nou eenmaal.''

Toch vindt de NCRV u...
,,...te saai, te serieus en te gereformeerd. Wat is er nou mis met serieuze journalistiek? En gereformeerd staat toch voor degelijkheid? Ik beschouw die kwalificaties als een compliment. Maar tegenwoordig zijn ze blijkbaar negatief. Ik ben serieus. Ik vind het niet verkeerd dat de cafébezoekende, doorzakkende journalist van vroeger is veranderd in de karnemelkdrinkende journalist. Dat is juist een verworvenheid. Het is een verantwoordelijk beroep en daarvoor moet je mentaal uitgerust zijn. Ik lust best een biertje, maar ik kijk wel uit om me bijvoorbeeld de avond voor een uitzending lam te zuipen. De leiding heeft altijd gezegd dat ik het fantastisch doe, dat ze heel erg tevreden is, maar dat mijn imago verkeerd is. Dat imago klopt, maar ik vind het dus positief. Alleen past het niet meer bij de vernieuwende NCRV, wat die term ook moge inhouden. De NCRV zegt dat de kijker dat vindt, hoewel er geen onderzoek naar is gedaan. Ik heb nog gezegd: 'Ik bén de vernieuwende NCRV'. Heeft niet geholpen. Weet je dat we jaren geleden een uitzending hebben gemaakt over het oprukkende managementdenken? Wij zagen een ontwikkeling waar imago belangrijker is dan wie je bent en wat je doet. Dat wekte enorme weerzin bij mensen op de werkvloer. Grappig dat ik er nu zelf op word afgerekend.''

U klinkt berustend.
,,Ik ben geen verzadigde oude man die het allemaal heeft gezien en voor wie het niet meer zonodig hoeft. Ik ben juist meer in balans. Als Karst T. tien jaar geleden die aanslag in Apeldoorn had gepleegd, was ik daar veel simpeler mee aan de slag gegaan, had ik die gebeurtenis veel meer eendimensionaal benaderd. Dit is gebeurd, dit gaan we doen: 'Hoe is dit mogelijk?!' Nu zie ik veel sneller dat grote gebeurtenissen als deze niet zo eendimensionaal zijn, maar dat er veel meer lagen onder zitten. En maak je een programma met mensen die geïsoleerd leven, verweesd zijn, depressief. Dan wil ik laten zien dat er veel meer mensen als Karst T. zijn die stabiel ogen en hun leven op orde lijken te hebben, maar wel degelijk grote kans lopen ook af te glijden en door te slaan naar woede, weerzin en frustratie. En onthecht raken van zichzelf en hun gezin. In ons zit ook een potentiële dakloze.''

Terwijl u toch middenin de maatschappij staat.
,,Het lijkt met elkaar in tegenspraak, want ik sta inderdaad middenin het leven en ik ben sociaal. Mijn kinderen zeggen: als jij vijf seconden met iemand staat te praten, is er meteen contact. Ook oogcontact. Toch ben ik ook een loner , heb ik ook een melancholische laag. Die komt naar boven bij een afscheid als dit, als je kinderen een nieuwe levensfase ingaan, als je een nieuwe liefde ontmoet, zoals mij een paar jaar geleden is overkomen. Na mijn scheiding heb ik tien jaar sterk het idee gehad dat het er niet meer in zat. Ik heb echt vaak gedacht dat ik niet geschikt was voor een relatie. En ik word melancholiek als iemand notulen van de winkeliersvereniging vindt die zijn geschreven door mijn reeds lang overleden vader. Ik merk dat dit soort zaken meer naar boven komen sinds die scheiding, sinds mijn ouders zijn overleden en sinds ik in mijn omgeving met zelfmoord werd geconfronteerd; al dat soort ingrijpende gebeurtenissen spelen een rol. Ik moet oppassen dat ik niet in clichés verval, maar daardoor verander je van een jonge hond die overal op knalt in een oudere man die beschouwender tegen de wereld aankijkt.''

Hoe zag die jonge hond er uit?
,,Die wilde sportjournalist worden. Op mijn zeventiende schreef ik stukjes over amateurvoetbal voor het langgeleden verdwenen dagblad Het Binnenhof . Een katholieke krant, want mijn ouders waren katholiek-liberalen en ik ben misdienaar geweest. Mijn vader was banketbakker, maar moest op zijn 57e de zaak verkopen. Hij kón niet meer. Als kind had hij polio opgelopen en daardoor had hij benen van ongelijke lengte. Terwijl hij de hele dag staand moest werken, hard werken. Ik hoefde van hem de zaak niet over te nemen. Het mocht wel, maar ik mocht worden wat ik wilde. En dat was bij de voetballers horen. Topspelers het liefst, want als je bij die mensen in de buurt komt, dan ben je het zelf ook bijna. Hun status straalt op jou af. Journalisten staan hoog in de apenhiërarchie, omdat ze heel dicht in de buurt van de belangrijkste apen mogen verkeren.''

Waardoor ze zich belangrijker voelen dan ze zijn?
,,De macht en invloed van journalisten wordt wel eens overschat, maar ik vind toch dat die vaker wordt onderschat. Als je kijkt naar de financiële crisis, dan zijn al die dubieuze praktijken jarenlang aan de openbaarheid voorbij gegaan. Wij journalisten hebben het niet gezien. Waardoor het heeft kunnen doorwoekeren met alle ellende vandien. Journalisten moeten zich heel goed realiseren dat het controleren van macht en machthebbers van essentieel belang blijft voor een samenleving. Daarom trekt de onderzoeksjournalistiek mij. Als je nou vraagt of ik nog dromen heb, dan gaan ze in die richting.''

Als u toch op televisie blijft, zien we dan dezelfde presentator of gaat u dingen anders doen?
,,Ik heb geleerd dat je in dit soort programma's geen dingen moet willen uitleggen. Dat heb ik een keer gedaan bij de problematiek van de energiesector. Waren we in een zucht honderdvijftigduizend kijkers kwijt. Rondom 10 was altijd live en ik deed de presentatie staand. Dat betekent dat je extra alert bent, snel moet inspelen op de situatie. Ook omdat je er niets uit kunt knippen. Het geeft je extra adrenaline en omdat je staat, bent je actiever dan wanneer je zit. Ik heb het verwijt gekregen dat ik een stuiterbal was, maar staand presenteren geeft een andere energie, een hele andere beweging dan wanneer je met je armen over elkaar met iemand zit te praten. We keken altijd op maandag de uitzending van zaterdag terug en dan zag ik meestal een beetje verzenuwde man, die er te veel bovenop zat. Iedereen had daar altijd een oordeel over. Mij gaat het er alleen om mensen íets verderop te helpen. Wat ik doe, moet leiden tot iets meer inzicht, begrip en herkenning. Ik probeer iets kleins bij te dragen aan een beetje prettiger Nederland. Zei dominee Grimbergen, eh... kapelaan.''